Umberto Eco – De begraafplaats van Praag

Koop De begraafplaats van Praag hier.

Omdat ik redelijk snel door ‘De begraafplaats van Praag’ heen kwam, dacht ik dat ik misschien ook maar weer eens aan ‘De Slinger van Foucault’ zou moeten beginnen. Dit laatste boek heb ik jaren geleden al na een paar pagina’s weggelegd omdat ik op die paar pagina’s al zoveel kennis en wijsheid om mijn oren kreeg dat ik beschroomd het meesterwerk heb dichtgeslagen. Ik was toen ook pas een jaar of vijfendertig, dus wat weet je dan helemaal. Maar op de begraafplaats is het bij Eco, vooral in het begin, zelfs grinniken om de gepeperde gedachten van vreetzak Simonini en zijn grootvader.

Als leesclubboek vergt het veel van de lezers. Het is een complex boek. De hoofdrolspelers wisselen regelmatig van gedaante en zijn soms één en dezelfde persoon. De hoofdpersoon Simonini is ook nog eens een meester-vervalser van teksten. Van historische documenten, testamenten en overeenkomsten. Daarnaast speelt hij ook nog dubbelrollen in verschillende complotten. En zo zien we dat hij een sleutelrol blijkt te spelen in de totstandkoming van De Protocollen van de wijzen van Zion.

Fascinerend om te lezen. Vooral omdat we weten dat de bij elkaar verzonnen en vervalste Protocollen zo’n kwalijke rol hebben gespeeld en nog steeds spelen in de verspreiding en acceptatie van het antisemitisme.
Maar wat kan je als leesclub met dit boek, behalve bewonderend constateren dat in deze roman de historische werkelijkheid zo kunstig verweven is?
Je kunt vragen stellen als: waar vervalst Simonini de werkelijkheid eigenlijk niet? Alles aan deze man heeft een verzonnen keerzijde. Dus ook zijn werkelijke levensverhaal.
Kun je er met elkaar achter komen wat voor man die Simonini is? Is het een personage? Of is het een marionet van Eco? Heeft hij wel gevoel? Is het voor deze man vanzelfsprekend dat hij zo geraakt wordt door de ‘inwijding’ door een vrouw?
Waarom laat hij Simonini de dialoog aangaan met Abt Dalla Piccola? Toch niet alleen om van een  traumatische seks-ervaring te genezen?
En je kunt je afvragen hoe actueel deze roman is. Stel dat Eco er een waarschuwing in verpakt heeft voor de tijd waarin wij leven. Welke waarschuwing, welke boodschap zou dat dan kunnen zijn?
Maar wat je ook doet, bespreek deze roman aan tafel. Dat ben je aan de hoofdpersoon verplicht. Bezuinig nergens op en ik zou gaan voor de magistrale Bollito misto. Ik heb het recept voor je opgezocht. Smakelijk!

VOOR DE BOEKHANDEL EN BIBLIOTHEEK:
Klik op Barcode voor leestips De begraafplaats van Praag – Umberto Eco voor de PDF met barcode.
Deze code kun je uitprinten op je eigen briefpapier en vervolgens in het betreffende boek vouwen.
Zo kunnen klanten met een smart phone al in de winkel of bibliotheek zien of deze titel iets is voor hun leesclub. Gratis!
(App’s waarmee je zo’n QR-code kunt lezen zijn b.v. QuickMark of QRReader (iPhone), of google naar QR codes voor Android. )

Flaptekst
Op magistrale wijze neemt Umberto Eco in zijn nieuwe, grote roman
De begraafplaats van Praag de negentiende eeuw onder handen. Plaatsen van handeling: Turijn, Palermo en Parijs.


De geschriftvervalser Simone Simonini is een nauwkeurig observator van zijn eigen tijd. En hij ziet veel: een hysterische sataniste, een abt die twee keer sterft, lijken in een Parijs riool, jezuïeten die samenspannen tegen vrijmetselaars, vrijmetselaars en Mazzinianen die priesters wurgen met hun eigen darmen, de krombenige, aan artrose lijdende Italiaanse held Garibaldi, de bloedbaden tijdens de Parijse Commune van 1871 waar zelfs pasgeboren ratjes worden gegeten, onwelriekende kotten waar tussen de absintdampen bomexplosies en volksopstanden worden voorbereid, nepbaarden, zogenaamde notarissen, valse testamenten, diabolische broederschappen en zwarte missen. 


Simonini ziet veel, maar hij maakt nog veel meer mee, en bijna als vanzelf wordt hij steeds dieper betrokken in het complot dat zal leiden tot de lasterlijke Protocollen van de Wijzen van Zion, die de gehele twintigste eeuw het antisemitisme zullen aanwakkeren.


Maar de vraag is of Simonini er alleen maar zijdelings bij betrokken is. Is zijn invloed niet veel groter? De Protocollen zijn een vervalsing, maar van wie precies?


De begraafplaats van Praag is een aangrijpende en belangrijke roman, die een verontrustend licht werpt op het historische en politieke Europa van de negentiende eeuw, met zijn complotten, aanslagen en samenzweringen.

Perspectief
Er zijn drie vertellers. Je kunt ze herkennen aan verschillende lettertypen:

Perspectief verteller, derde persoon. In een dikke letter.
Perspectief Simone Simonini, eerste persoon. In een normale boekletter.
Perspectief Abt Dalla Piccola, eerste persoon. In schreefloze letter.

Wat zou de gedachte zijn achter deze verschillende lettertypen? Waarom zou Simonini de ‘gewone’ boekletter hebben gekregen?

Tijd
Simonini dateert zijn aantekeningen: van 24 maart 1897 tot 18 en 19 april 1897. En als epiloog lezen we nog aantekeningen van 10 november en 20 december 1898.
We lezen met de verteller mee in de aantekeningen die hij een oude man in sjamberloek ziet opschrijven (p.10). Eco legt zelf uit hoe het zit aan het eind van de roman in het hoofdstuk Nutteloze erudiete toelichting. P.485

Simonini vs Dalla Piccola
Wat hebben abt Dalla Piccola en Simonini met elkaar?
De in 1869 vermoorde abt. Vermoord omdat hij Simonini dreigt met ontmaskering (p.252-253).
Simonini had Dalla Piccola weer in het leven geroepen toen Lagrange hem had gevraagd abt Boullan in de gaten te houden.” P.443 Hij vermomt zich als abt Dalla Piccola. In 1869 al.
Het verwarrende is dat de Dalla Piccola ook een heel andere rol vervult in deze roman. De rol van alter ego van Simonini in 1897.
Aan het eind, p.473, zegt hij dat hij ‘genezen’ is van zijn ‘gespleten  bewustzijn’.

Op p.96 spreekt de abt zelf het vermoeden uit dat hij de belichaming is van de verdrongen herinneringen van Simonini. Hij moet als alter ego Simonini in staat stellen zijn hele leven te reconstrueren. Gebaseerd op een theorie die hij ruim tien jaar eerder (p.36) van dokter Froïd hoorde.

Op p. 55 zegt hij dat hij, in navolging van wat Froïd de pagina ervoor vertelde, alle herinneringen, ook de onbeduidendste, wil opschrijven, “totdat het traumatiserende element tevoorschijn komt. Helemaal op eigen kracht. En ik wil ook op eigen kracht genezen, zonder mezelf uit te leveren aan gekkendokters.”

De traumatische gebeurtenissen (zwarte mis, seks met Diana, moord op Diana en Boullan) op de avond van de 21e maart 1897 waren voor Simonini (p.443) aanleiding om zijn persoonlijkheid op te splitsen, teneinde een gesprekspartner te creëren. Een maand later, 18-19 april 1897, is hij van deze ervaringen genezen. Dat is redelijk snel.

Als je nu p.34 t/m 36 begrijpt, dan heb ik het ook begrepen.

Personages
– Hoeveel personages kent deze roman eigenlijk? Of is het alleen Simon Simonini die talloze anderen ontmoet?
– Hoe goed zijn die personages neergezet? Vind je Simonini een ‘rond’ personage? Ken je zijn drijfveren? Zijn geschiedenis? Is zijn personage zo opgebouwd dat je met hem meeleeft?
– Welk personage krijgt ook zoveel eigenschappen? Abt Dalla Piccola? Diana? Simones grootvader? Leo Taxil? Boullan? Osman Bey? Drumont? Froïd? Hébuterne? Of Garibaldi misschien?
– Wat voor rol spelen de personages in deze roman? Zijn het dragers van een plot? Van een emotie? Van een idee? Een motief? Een ethiek? Een ziektebeeld? Wat brengt hen tot leven?
Heeft deze roman eigenlijk wel een personage?
Alles is immers vervalst rondom Simonini. Waar kun je staat op maken?  Vertrouw je zijn levensverhaal? Of is dat ook een rookgordijn?
Kun je er met elkaar achter komen wat voor man die Simonini is? Is hij slechts een marionet in de handen van Eco? Heeft hij wel gevoel? Is het voor deze gevoelsarme man wel vanzelfsprekend dat hij zo geraakt wordt door de ‘inwijding’ door een vrouw?
Hoe geloofwaardig, letterlijk en figuurlijk, is dan deze inwijdingsscène (p.443)?

De obsessie van Simonini met de begraafplaats van Praag zorgt ervoor dat zijn eigen begraafplaats in het riool van Parijs onder zijn eigen huis steeds voller wordt. Dus hij identificeert zich wel mijn zijn onderwerp.

Zo ziet de begraafplaats van Praag er nu uit

Protocollen als eerbetoon
Is het antisemitisme van Simonini een soort eerbetoon aan zijn grootvader? Op p.11 zegt Simonini “mijn jeugdjaren zijn verziekt door hun spookbeeld”. Het spookbeeld dat zijn grootvader keer op keer van de joden opriep. Is De begraafplaats van Praag een ziektegeschiedenis? Waaraan lijdt Simonini allemaal?

De grootvader van Simonini is ervan overtuigd dat joden die zich het best hebben aangepast, die het meest lijken op de gewone Italiaan, dat die het gevaarlijkst zijn. Is dat misschien te vergelijken met de stelling dat je hem het meeste haat die het meest op je lijkt? (zie b.v p.68 “hier en overal”)
Die dubbelheid lijkt ook in Nederland veel mensen in verwarring te brengen. De moslimhaat lijkt groter te worden naarmate de moslims meer Nederlander zijn. Zich meer als mondige Nederlander gedragen. Zichtbaarder zijn in het onderwijs, in de supermarkt en in politie-uniform.
In de 19e eeuw gold voor Duitse joden assimilatie als hoogste ideaal. Maar het opgeven van de joodse identiteit heeft de grootste catastrofe uit hun geschiedenis niet kunnen voorkomen.
Zonder per se alles met alles te willen vergelijken, maar hoe kijk je vandaag de dag, in onze samenleving, aan tegen assimilatie v.s. behoud van religieuze en etnische identiteit?
Is assimilatie een ideaal dat we moeten nastreven of wakkert het juist angstgevoelens aan? Zou assimilatie een voedingsbodem kunnen zijn voor allerlei mystificaties rond een ‘bijeenkomst van imams op een begraafplaats van Istanbul’ b.v.?
En hoever moet je kunnen gaan in het behouden van je religieuze en etnische identiteit?

En hoever kun je gaan in het vergelijken van een negentiende-eeuws verhaal met een  verhaal uit de eenentwintigste eeuw? Zijn de tijden echt veranderd?

Seks
Dat Simonini een probleem met seks heeft, moge duidelijk zijn. Zijn eerste ervaring op dit gebied, hoewel, eerder een aanvaring op dit gebied, is het meisje dat zijn hart op hol doet slaan in Turijn (p. 12 en 70-71). Aan de rand van het getto op de Piazza Carlina. Zijn tweede ervaring is die met Diana op p. 443. Welke verschillen en overeenkomsten hebben deze twee ‘ontmoetingen’? En wat is hun invloed geweest op Simonini’s ontwikkeling?

Moraal van het verhaal
Wat hebben we opgestoken van deze roman?
– Complottheorieën zijn zo gek nog niet.
– Vertrouw geen enkele schrijver. Ook geen ‘verteller’.
– De loop van de geschiedenis wordt bepaald door onopvallende, anonieme mensen. Door kleine voorvallen, bedenksels en angsten. Maar vooral door een hysterische tijdgeest die zich in alle opwinding van alles op de mouw laat spelden waarbij één principe bepalend is: hoe waanzinniger de gedachte, hoe aannemelijker die is.
– Stel dat Eco in deze roman een waarschuwing verpakt zou hebben voor de tijd waarin wij leven. Welke waarschuwing, welke boodschap zou dat dan zijn?

Handig artikel in Vrij Nederland
Lisa Kuitert, zeer goed thuis in de 19e eeuw, heeft in Vrij Nederland (26-01-2011) een aantal begrippen doeltreffend toegelicht. Die ga ik hier integraal overnemen. Een tijdschrift dat de ruimte geeft en een bespreker die die ruimte goed gebruikt moeten we immers eren:

Eugène Sue
Een beroemde feuilletonschrijver in de negentiende eeuw was Eugène Sue (1804-1857). Hij schreef over Parijs, over armoede en sociale ellende en was ook in Nederland mateloos populair, onder meer met het feuilleton De wandelende Jood, dat niet tegen Joden is gericht, maar tegen de Jezuïeten. Ook zijn bekende boek Les Mystères du peuple was niet antisemitisch maar tegen de kerk en de regering gericht en werd daarom in 1856 verboden. Dit boek inspireerde Maurice Joly, die ook voorkomt in Eco’s roman, bij zijn Dialogue aux enfers, dat op zijn beurt weer de feuilletonist Goedsche tot het schrijven van zijn antisemitische Biarritz bracht (zie hiernaast).

De protocollen
De Protocollen van de wijzen van Zion zouden in 1897 zijn opgesteld in Basel door de Russische geheime dienst. De tekst was gebaseerd op Biarritz, een feuilleton van de Duitse schrijver Hermann Goedsche, die publiceerde onder het pseudoniem Sir John Retcliffe. Hij was in dienst van de Pruisische geheime dienst en speelt onder zijn eigen naam een belangrijke rol in Eco’s boek. Zijn Biarritz was in feite plagiaat van een boek dat in Frankrijk uit de handel genomen was, namelijk de politiek getinte satire Dialogue aux enfers entre Machiavel et Montesquieu ou La politique au XIXe siècle van Maurice Joly uit 1864. Joly’s boek was niet gericht tegen de Joden, maar tegen Napoleon III. Goedsche gebruikte de intrige, maar voegde er zelf een abject antisemitisch hoofdstuk aan toe, dat handelde over een Joodse samenzwering op het Joodse kerkhof te Praag.

Vrijmetselaars
In de negentiende eeuw lagen de vrijmetselaars onder vuur. Regeringen en de katholieke kerk moesten niets hebben van dit geheime, in de achttiende eeuw ontstane broederschap, dat de kerkelijke dogma’s ter discussie stelde. Vanwege het geheime karakter was de vrijmetselarij een geliefd onderwerp voor samenzweringstheorieën, zoals die van de schrijver Leo Taxil. Volgens sommigen waren de vrijmetselaars en de Joden er gezamenlijk op uit om de wereldmacht te veroveren. Ook in de De protocollen van de wijzen van Zion worden de vrijmetselaars als handlangers van de Joden geschetst. Er is zelfs een woord voor: het judeo-maçonniek complot.

Jezuïeten
De Jezuïeten zijn leden van een katholieke religieuze orde, opgericht in de zestiende eeuw. De leefregel is onder meer absolute trouw aan de Paus. Het is geen kloosterorde, en opvallend is ook dat Jezuïeten niet afgezonderd in kloosters leven maar ‘gewone’ beroepen vervullen, zoals leraar of advocaat. De Jezuïeten zijn in de geschiedenis meermalen beticht van samenzweringen. Zelf hadden ze het op hun beurt gemunt op de vrijmetselaars, onder meer in het veelgelezen geschrift Mémoires à servir pour l’histoire du jacobinisme van de Jezuïet Augustin Barruel (1797-1799). In Eco’s roman is Simonini grootgebracht met de denkbeelden van Barruel.

Garibaldi

Al vroeg in de negentiende eeuw ontstond in Italië de wens om meer eenheid te smeden in het door ministaatjes gekenmerkte gebied. Het geheime genootschap van de carbonari, geïnspireerd op de vrijmetselaars, slaagde daar niet in, maar de Piëmontees Giuseppe Garibaldi (1807-1882) wel, zij het niet zonder moeite. Hij deserteerde om de nationalisten te kunnen steunen en moest daarna in ballingschap. Frankrijk en Oostenrijk, en ook de Paus streden tegen de Italiaanse nationalisten. Toen Garibaldi in 1860 terugkeerde, lukte het hem met zijn leger van vrijwilligers, bijgenaamd ‘roodhemden’, de diverse staatjes te verenigen onder het bewind van Victor Emanuel, de eerste koning van Italië. Het koninkrijk Italië was daarmee in 1861 een feit.
(Tot zover Lisa Kuitert in VN)

Locaties
Het begin leidt je naar een doodlopend straatje. Impasse Maubert. Die bestaat nog steeds. Google maps en dan 3 Rue Frédéric Sauton, Paris, France intypen en dan kijk je op streetview-niveau naar de ingang van dit straatje. Je kan er helaas niet inrijden. Daar, aan het eind was de bestofte bric à brac-winkel van Simonini. En daarachter zou je, door een gang die een knik maakt, uit kunnen komen in het pand aan 1 Rue Maître Albert, Paris, France. Misschien is dit de deur waarachter abt Dalla Piccola woonde?

Recept
En wat een recepten komen voorbij… De lekkerbek Simonini krijgt er geen genoeg van om zijn culinaire genoegens met ons te delen.
Deze leek me erg Italiaans en exotisch, de Bollito misto (p.75). Maak hem voor je medeleesclubbers en maak ze gek:

Een keurig bord Bollito Misto. Meestal ziet het er ruiger uit

Wat:
– 500 gram rundvlees
– 2 kalfsschenkels
– kalfstong
– halve kip
– varkensschenkel
– varkensworst
– 1 ui met kruidnagels erin gestoken
– 1 wortel
– 1 teen knoflook
– 1 knolselderij
– 1 laurierblad
– zout en peper

Wat nog meer:
– Mierikswortelsaus
– Druivenmosterdsaus
– Groene saus: Een handvol peterselie, vier ansjovisfilets, broodkruim, een eetlepel kappertjes, een teentje knoflook en een gekookte eierdooier. Dit alles fijngemalen en vermengd met olie en azijn.

Hoe:
Zet het vlees in een grote pan onder water en breng langzaam –met zout- aan de kook.
Braad in een andere pan de schenkels aan. En kook de worst en de tong in een aparte pan gaar.
Als de grote pan aan de kook is, afschuimen en ruim anderhalf uur uur, met deksel, laten pruttelen. Vervolgens de gesneden groenten, de kip en het varkenspootje erbij doen. Dan weer drie kwartier laten stoven.
Als al het vlees gaar is, haal je het vlees er uit en leg het met de worst en de tong op een schaal.  Het kookvocht apart opdienen.

Zo kan je avond niet meer stuk!

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: